Thursday, December 07, 2006

Iedereen draagt zijn steentje bij...


Vanmorgen (maandag 4 december) om half acht landden we op Schiphol met een voldaan gevoel. Het project heeft onze hoop en verwachtingen overtroffen. Alcides en Jorge hebben een enorme inzet getoond. Alcides was iedere dag op het bouwproject en hielp mee, alsof hij een van de studenten was.


Die hebben trouwens fantastische werk geleverd: ze hebben zware stenen gesjouwd iedere morgen, zo'n 200 meter bergopwaarts. De ondergrond van de huizen werd gevuld met grote keien, die van de grond werden geraapt in de bananenplantages. De huizen werden gebouwd in het dorpje Las Cuchillas, het dorp op Ometepe dat het meest afgelegen ligt: er zijn geen wegen naar het dorp, alleen smalle voetpaden.

Alle bouwmaterialen: de bouwstenen, zakken cement, golfplaten, de bloemenstenen (voor ventilatie/decoratie) moesten met de hand naar boven gesleept worden. En dus ook de keien voor de ondergrond. Zij worden gebruikt om de kosten te drukken, daardoor is er veel minder cement nodig, cement is erg duur. Omdat wij ons steentje hebben bijgedragen, konden voor het eerst in dit dorp stenen huizen gebouwd worden (in plaats van aan de weg). Esther en ik hebben bij de officiële overdracht met acte van de notaris, de sleutels overhandigd aan de vrouwen op wiens naam het huis staat.


Wij liepen iedere dag bijna een uur vanaf Finca Magdalena naar de huizen. De eerste dagen waren onnoemelijk zwaar: het hete klimaat, niet gewend om 2 uur per dag langs bergpaden te lopen en dan nog eens zware stenen sjouwen.


De toekomstige bewoners hebben trouwens net zo hard meegesjouwd als de studenten. Drie van de vijf Ometepe deelnemers gaan wonen in de nieuwe huizen. De Ometepe deelnemers hebben het hele project met onze studenten opgetrokken: dag en nacht: ze sliepen meestal bij ons op de Finca, aten mee, deden mee met de interviews en met de excursies. Er werden dikke vriendschappen gesmeed en er is vreselijk veel gelachen.


De interviews 's hebben veel informatie opgeleverd over de situatie op het eiland. Alcides heeft voor ons afspraken gemaakt met sleutelfiguren: de burgemeester van Altagracia, directeuren van middelbare scholen en van een weeshuis voor jongeren, onderwijsinspectie, leiders van dorpen, met kleine ambachtslieden en kleine kruidenierswinkels en met enkele hotels. Aan hen vroegen we naar hun ervaringen en naar mogelijke tips en valkuilen voor het opzetten van enkele coöperaties: een panederia = broodbakkerij (we hebben trouwens ook een rondleiding gehad door een bestaande bakkerij), een sap en/of marmeladefabriek, en homestay/trekking (een pakket voor rugzaktoeristen met overnachting bij de plaatselijke bevolking thuis). Alcides heeft ons twee keer over het hele eiland gereden en was ook tussendoor steeds beschikbaar. Hij had zich deze 2 weken helemaal vrijgemaakt voor het project en genoot ontzettend van alle activiteiten en van de hechte samenwerking tussen de Nederlandse en de Ometepe jongeren.
We hebben de informatie aan hem overhandigd en nu is het aan hem en Jorge om daar iets mee te doen.

Afgelopen vrijdag gingen we met de hele ploeg naar Managua, Alcides ging ook mee, naar een naaicoöperatie die als voorbeeld kan dienen voor de coöperaties op Ometepe. De organisatie heeft in nauwe samenwerking met de bevolking diverse geslaagde projecten opgezet. De naaicoöperatie is gevestigd in een vrijhandelszone in Managua, waar de vrouwen die er werken eigenaar zijn van de fabriek. Zij draaien winstgevend, hebben een eerlijk loon en goede arbeidsvoorwaarden en de winst wordt aangewend voor het verbeteren van de omstandigheden in hun wijk. Dit is ook het principe dat Alcides wil volgen met 1 of 2 kleine coöperaties. Het lijkt erop dat hij een broodbakkerij wel ziet zitten. Maar hij gaat nu eerst praten met de leiders van diverse dorpen en gaat via hen de bevolking erbij betrekken en neemt dan nemen zij gezamenlijk een beslissing.


Coördinator Mike Woodard zei tegen Alcides dat hij beschikbaar is voor vragen. Alcides vroeg Esther en mij onmiddellijk om zijn telefoonnummer en emailadres door te geven. Alcides vindt de betrokkenheid van de bevolking erg belangrijk. Mike Woodard gaf aan dat dit het meest heikele punt is, Alcides beaamde dat. Op Ometepe zijn mensen gewend om te leven van dag tot dag, ze plannen niet op de langere termijn, ze hebben weinig voorbeelden in hun omgeving van succesvolle ondernemers en Ometepers leven behoorlijk geïsoleerd t.o.v. de mensen op het vasteland.
Mike Woodard weet van de hoed en de rand, hij kent de buitenlandse markt voor de export goed, weet wat gebeurt in China, India en wat nodig is om de plaatselijke bevolking te mobiliseren. Hij geeft ze verantwoordelijkheid en gaat ervan uit dat mensen verantwoordelijkheid nemen, als ze er veel zweet en moeite in hebben gestoken, want pas dan gaat het om ownership. Dit concept is ook op Ometepe goed toe te passen, denken Esther en ik. Mike raadt Alcides aan om organische producten te gaan produceren. In de VS, zei hij, is bijv. behoefte aan organsich geproduceerd sesamzaad. "Gewoon" sesamzaad levert 30 US $ per zak op, organische sesam 60 a 70 US$ per zak. Naast 1 of 2 kleine coöperaties zou het produceren van een winstgevend product meer werkgelegenheid kunnen opleveren. Alcides was duidelijk onder de indruk. Ik voel me erg voldaan over dit deel.

Een volgende goede ontwikkeling zou kunnen zijn, dat de Ometeper jongeren nu erg betrokken zijn bij het algemene project van Alcides. Ze hebben actief mee gedaan met de voorbereiding van de interviews en met het houden van de interviews. Er is een jonge vrouw bij (Ceneida), die internationale betrekkingen studeert, vanuit het studiefonds van het Duitse project. Zij is erg slim, ondernemend en reageert adequaat. Alcides denkt dat hij de jongeren nu kan betrekken bij het project. Als dat lukt, dan wordt er een bredere basis gevormd op Ometepe, met jonge inbreng.


Wij zitten barstensvol met allerlei indrukken. Door zo dicht bij de bevolking te leven (de nieuwe huizen werden pal naast de oude houten bouwvallen gebouwd) zat je bij hen op de lip en door het contact met de jongeren zat het ons dicht op de huid. Een bijzondere ervaring, ook voor onze studenten: in welk project kom je nou dichterbij mensen dan hier.

Wij en de Ometepers zijn het met elkaar eens dat Ometepe een paradijs is, een oase van rust en vrede. Mensen helpen elkaar, zijn open, gastvrij, vriendelijk en zelfbewust. Alleen beseffen wij ook, dat er grote ongelijkheid is tussen hen en ons. De laatste avond waren we met ons allen in Granada op het vasteland in een hospedaje met 24 uur gratis internet. Voor de Ometeper jongens, Augustin, Alexi, Alexander en Juan was het de eerste kennismaking met een computer (in Las Cuchillas is geen elektriciteit). Om 10 uur keken ze wat wij ermee deden. Om 11 uur zaten ze er zelf achter, om 12 uur ging de groep naar bed en bleef ik met hen over. Om half 2 wilden ze nog niet ophouden, maar toen wilde ik ook wel naar bed. Op dat moment besef je tot in je botten hoe groot de ongelijkheid is: de jongens willen ontzettend graag leren, maar ze hebben de middelen en de mogelijkheden niet. Ze gaan nu terug naar een goed stenen huis, maar ze kunnen zich niet verder ontwikkelen.

Voor mij is dit in ieder geval een goede reden om me met plezier te blijven inzetten.

Wilma van Beek

0 Comments:

Post a Comment

<< Home